home algemeen nieuws agenda externe competitie interne competitie film jeugd interactief contact
nieuwsoverzicht 2018
nieuwsoverzicht 2017
nieuwsoverzicht 2016
nieuwsoverzicht 2015
nieuwsoverzicht 2014
nieuwsoverzicht 2013
nieuwsoverzicht 2012
nieuwsoverzicht 2011
nieuwsoverzicht 2010
nieuwsoverzicht 2009
nieuwsoverzicht 2008
nieuwsoverzicht 2007
nieuwsoverzicht 2006
nieuwsoverzicht 2005
nieuwsoverzicht 2004
nieuwsoverzicht 2003
nieuwsoverzicht 2002
nieuwsoverzicht 2001
nieuwsoverzicht 2000

Impressies uit Dieren

door Hans van Leeuwen, vrijdag 21 augustus 2015
Afgelopen juli nam ik deel aan het Open Nederlands Schaakkampioenschap in Dieren. Dat wil zeggen: aan een van de toernooien die in het kader daarvan worden gehouden. Naast het hoofdtoernooi om het daadwerkelijke kampioenschap worden er namelijk allerlei andere toernooien georganiseerd, waaronder de negenrondige Reservegroepen A, B en C (die precies dezelfde opzet hebben als het hoofdtoernooi), twee zesrondige toernooien en vierkampen. Schakers van elk niveau kunnen er wel iets van hun gading vinden.

Het lag voor de hand dat ik me op zou geven voor Reservegroep B, maar ik wilde eens kijken hoe ver ik zou komen in Reservegroep A, dus schreef ik me daarvoor in. Dit toernooi omvatte 9 ronden met één rustdag. Het speeltempo bedroeg 40 zetten in 90 minuten, vervolgens 30 minuten extra tijd + 30 seconden extra tijd-per-zet vanaf zet 1.

Het ONK is een aantrekkelijk toernooi doordat het in een periode valt waarin je doorgaans wat minder aan je hoofd hebt, de speellocatie vanuit Nijmegen goed bereikbaar is (rechtstreekse treinverbinding; 10 minuten lopen vanaf station Dieren) en de organisatie ervan zeer goed is.

Meedoen aan een schaaktoernooi brengt spanningen met zich mee. Iemand die in de trein op weg is naar een sollicitatiegesprek voelt ongeveer hetzelfde als ik deed in de trein op weg naar een partij. Negen sollicitatiegesprekken dus, met één rustdag.


Partijen

De eerste partij was weinig opzienbarend. Ik had al snel door dat ik te maken had met een heel degelijke speler (geboortejaar 1934). Na een zet of 22 remise bood deze remise aan, vermoedelijk om wat energie te sparen. Omdat remise wel een mooi resultaat was om mee te beginnen, nam ik het aanbod aan. Uit analyse met de computer bleek overigens dat de partij altijd in evenwicht was.

De tweede partij was vrij ingewikkeld. In tijdnood maakte ik uiteindelijk de beslissende fout (liet een paard insluiten). Ik besloot beter op mijn tijd te letten.

Stelling na 15... Lf6?
Partij 3
Hans van Leeuwen (1765) - Désiré Fassaert (1910) ½-½

Na een tamelijk rustige openingsfase blunderde Désiré op zet 15 met Lf6? (zie diagram links). Wit won nu een pion met 16.Lxh7. Zwart kan namelijk niet nemen op h7 (16... Kxh7 17.Dh5+ Kf8 18.Df7+ Kg8 en de loper op b7 valt (19.Dxb7) waarna wit 2 pionnen voor staat). Het idiote was echter dat ik deze laatste zet van de combinatie (Dxb7) niet gezien had, wat natuurlijk niet zo slim was. Ik ging ervan uit dat zwart gewoon moest nemen op h7 en dat het dan remise zou zijn door eeuwig schaak: 16.Lxh7+ Kxh7 17.Dh5+ Kg8 18.Dxf7+ Kh8 19.Dh5+, etc. Toen zwart na 16.Lxh7 Kf8 speelde, dacht ik dus dat zwart (met een pion achter) eeuwig schaak uit de weg ging! Ja, nu schudt u wel het hoofd, maar waarom deed u zelf eigenlijk niet mee?

Uiteindelijk bereikte wit een eindspel met een pion meer, maar besloot remise aan te bieden, wat enigszins laf van wit was, dat ben ik met u eens, maar "Parijs was nog ver" en elk (half) punt in deze sterke groep was meegenomen.


Stelling na 17.Pc3?
Partij 4
Rembrandt Bruil (1832) - Hans van Leeuwen (1765) 0-1

Na afloop van de partijen kon je 's avond de indeling voor de volgende dag op internet raadplegen en voor de 4e ronde was ik ingedeeld tegen Rembrandt Bruil. Dit bleek een jeugdtalent te zijn: dit jaar vice-kampioen van Nederland tot 12 jaar. Ook zag ik dat hij het afgelopen seizoen twee keer had ingevallen voor De Toren Arnhem 1 in de KNSB klasse 1b en toen twee 2200-spelers op remise had gehouden. Maar het werd tot mijn verbazing mijn gemakkelijkste partij van het toernooi, die ik met een mooie combinatie won.

Wit (zie diagram links) heeft in de opening wat overbodige zetten gedaan en gaat nu dan ook een pion verliezen. De jongeling dacht echter met Te1 pionverlies te kunnen voorkomen. Vanuit de diagramstelling volgde 17... Pxe3 18.Tfe1. De zwarte dame moet weg en ik pak het paard zonder pionverlies, dacht wit, maar deze had 18... Pc4! over het hoofd gezien. Als zwart vervolgens 19.Txe7 speelt, volgt 19... Pxd2 en zwart staat gewoon een stuk en een pion voor. Op bijvoorbeeld 19.Dc1 volgt 19... Dxe1+ 20.Dxe1 Txe1+ 21.Txe1 en zwart staat ook weer gewoon een stuk en een pion voor. Wit probeerde het nog een tijdje maar zwarts voorsprong in materiaal was te groot.

In de vijfde partij trad ik aan tegen de broer van de bekendere Maaike Keetman, die in het hoofdtoernooi speelde. Deze partij duurde slechts 12 zetten en na een kleine afruil werd op mijn voorstel tot remise besloten. Weer een halfje erbij.

Partij zes werd mijn slechtste partij van het toernooi. In een Pirc ging zwart met zijn dame op avontuur op de damevleugel terwijl die hard nodig was op de andere vleugel. De dame werd gemakkelijk naar een passieve positie teruggedreven en vervolgens kon wit zijn centrumpionnen vernietigend gaan opspelen (zie diagram links). De zwarte stelling gaat instorten. Er volgde: 15... Da6 16.e5 dxe 17.fxe. Hopeloos voor zwart.


Stelling na 34.Ld3?
Partij 7
Hans van Leeuwen (1765) - Wouter Noordkamp (1970) ½-½

Dit werd een interessante partij waarin zwart, na wat kleine kansjes te hebben gemist, van lieverlede in tijdnood kwam en daardoor een grote kans miste (zie diagram hiernaast), hoewel die niet zo heel gemakkelijk helemaal door te rekenen was, zeker niet in tijdnood. Na afruil van de dames ging zwart kort na de tijdcontrole in op wits remisevoorstel. Hier kwam ik goed weg met remise.

Zwart (zie diagram links) miste nu de kans 34... Lxa3!. Wit kan niet voortzetten met 35.bxa vanwege 35... Dxa3 36.Da2 Dxd3 en wit staat totaal verloren. Wit moet wel 35.Dxb3 spelen en er volgt: 35... Txb3 36.Pe1 Lxb2+ 37.Ka2 a4 en zwart staat twee pionnen voor.


Stelling na 10... Te8
In de achtste partij kwam ik van lieverlede wat gedrongen te staan, maar kon me uiteindelijke toch bevrijden, waarna tot remise werd besloten. Later kwam ik er met behulp van de computer achter dat mijn tegenstander in de opening met een bekende truc een pion had kunnen winnen, zie diagram links. 11.Pxd5 zou een pion hebben gewonnen (11.Pxd5 Lxd2 12.Pxf6+ Pxf6 13.Dxd2). Er nog wat andere varianten maar steeds nadelig voor zwart.


Stelling na 21.Db4!
Partij 9
Hans van Leeuwen (1765) - Martin van Velzen (1850) ½-½

In deze laatste partij werd na zet 21 van wit de volgende stelling bereikt. Volgens de computer is er nog niet zoveel aan de hand, maar de penning van het paard is lastig voor zwart, die in deze moeilijke stelling begrijpelijkerwijs niet de beste zetten vond terwijl het plan voor wit eenvoudiger is: torens verdubbelen op d-lijn.


Stelling na 23.Tfd1
Het voordeel (zie diagram links) voor wit is opgelopen en ik begon erg optimistisch te worden, wat gevaarlijk is natuurlijk. Zwart had wel goed gezien dat wits achterste rij zwak was en vond een zet die mij onnodig zorgde baarde: 23... Pc8?


Stelling na 23... Pc8?
Ik had nu gewoon rustig "alles" moeten uitrekenen, maar was teleurgesteld dat ik geen onmiddellijke winst of minstens stukwinst vond. Ik speelde 24.Db3? en bood remise aan, waar zwart tamelijk gretig op inging. Wat ik had moeten spelen...: 24.Dxe7 Txd5 (dreigt mat met Txd1) 25.Txd5 Pxe7 26.Td7 Lf6 27.Pxe5 en dit mondt uit in een toreneindspel met 1 pion meer voor wit, dus zeker nog niet gewonnen (gelukkig).

Al bij al een geslaagd toernooi.

Hans van Leeuwen

Zie hier het verslag van Lucas de Jong.


wachtwoord vergeten?